19 januari 2026
Slim samenwerken: zo worden teams écht beter
Samenwerken kan soms best een uitdaging zijn, ondanks dat we weten dat het van groot belang is. Onderzoek naar collectieve teamintelligentie laat zien dat slimme teams niet bestaan uit de slimste individuen, maar uit mensen die goed naar elkaar luisteren, divers denken en aanvoelen wat er speelt. In deze blog deel ik samen met teamontwikkelaar Sayma Kuipers praktische inzichten en eenvoudige gewoonten die een samenwerking sterker maken. Van check-ins tot het benutten van stille stemmen.
Collectieve team intelligentie
Een mooi onderzoek naar dit fenomeen, bekend als collectieve (team)intelligentie, ondersteunt dit. In een veelgeciteerde studie ontdekten onderzoeker Anita Woolley en haar collega’s dat slimme teams drie dingen gemeen hebben:
- Ze verdelen de spreektijd gelijkmatig
- Ze tonen sociale sensitiviteit (aanvoelen hoe het met elkaar gaat)
- Ze zijn divers samengesteld, vooral in manier van denken
Meer ervaring, meer kennis of hogere IQ-scores bleken minder belangrijk. Het gaat niet om hoeveel iedereen weet, maar om hoe goed ze dat met elkaar kunnen delen.
Wat we kunnen leren van de kleuterklas
Mijn concullega spreker Sayma Kuipers, specialist in leiderschap en teamontwikkeling, heeft veel met teams gewerkt om dit in praktijk te brengen. Zij schreef een boek over samenwerken 'Het is hier net een kleuterklas', waarin ze aangeeft dat het belangrijk is om creativiteit en vrijheid aan te moeidigen in samenwerking (op de werkvloer). "Dan zouden we elkaar namelijk durven te zeggen waar het op staat. Dan zouden we durven spelen en experimenteren en zouden we minder snel oordelen over elkaar".
Gelijke spreektijd voor een betere samenwerking
Sayma experimenteert bij verschillende organisaties met manieren om gelijke spreektijd te creëren. Wat er dan gebeurt noemt zij opvallend: ‘’Mensen die normaal dominant aanwezig zijn, stellen ineens vragen aan collega’s en luisteren meer; mensen die anders stil blijven, voelen ruimte om zich uit te spreken en doen dat dan ook. De gesprekken worden rijker en eerlijker. Kleine stemmen worden grote inzichten.’’ Daarnaast probeert ze met teams gewoonten te bedenken die samenwerking structureel versterken.
Check-in of check-out
Een van deze gewoonten om samenwerking te versterken zijn check-in’s aan het begin van een werkdag of meeting. Dit kan door bijvoorbeeld kort te delen hoe je erbij zit of wat je nodig hebt. Dat klinkt bijna té eenvoudig, maar het maakt een wereld van verschil voor de onderlinge afstemming. In het ambulanceteam waarin Sayma voorheen werkte, hebben ze dit vertaald naar een korte check-out aan het einde van elke dienst. Met vragen zoals: Heb je nog energie over? Wat ging goed? Wat kunnen we leren? Het kost vijf minuten, maar het levert enorm veel verbondenheid en leervermogen op. Fouten worden minder persoonlijk, successen krijgen aandacht en het team sluit samen de dag af in plaats van ieder voor zich. Die knoop in je maag kun je dan nog delen met je collega’s voordat je naar huis gaat.
Cognitieve diversiteit
Er zijn veel verschillende manieren waarop mensen denken en problemen benaderen. Teams hebben dromers nodig, analytici, twijfelaars, doeners, rebellen en bouwers. Dat werkt alleen als iedereen zich veilig genoeg voelt om te zeggen wat je ziet en te delen wat je denkt. Daarom is psychologische veiligheid zo ongelooflijk belangrijk ( hier schreef ik eerder in vergelijking met Coolblue een blog over ). Niet om dingen gezellig te houden, maar zodat mensen durven spreken. Zodat ‘andersdenkende' mensen weten dat dat er mogen zijn. Het is belangrijk dat je het gevoel hebt je niet volledig te hoeven aanpassen aan het groepsdenken en hun andere kijk juist van waarde is. Vernieuwing ontstaat niet wanneer alles klopt, maar wanneer iemand iets zegt dat op dat moment nog niet klopt.
Nieuwsgierigheid naar elkaar
Goede samenwerking vraagt uiteindelijk om nieuwsgierigheid naar elkaar. Om het lef om iemand anders iets te gunnen: spreektijd, ruimte, twijfel, perspectief. Als je vindt dat iemand een domme vraag stelt, luister dan toch. Als je merkt dat iemand al een tijdje niets heeft gezegd, nodig diegene uit om te spreken. Of nog beter, zorg dat dit dus ingebouwd is in een systeem of gewoonte. Zo zet je niemand voor het blok. En als je weet dat het ongemakkelijk gaat worden is de kans groot dat je precies op het punt staat waar iets nieuws kan ontstaan.
Groetjes,
oɔı̣ꓤ




